Ritme

Ritme

Sinds kort heb ik weer ritme. Ritme in werktijden. Ritme in huistaken. Gewoon ritme. Ik had niet het idee dat ik het gemist had. Ik kon boodschappen doen op het tijdstip dat het mij uitkwam. Even een rustig moment qua werk? Dan ging ik even lekker een rondje hardlopen. Gewoon, omdat het kon.

Op zoek naar structuur
Maar nu het ritme er weer is, voelt het toch wel heel prettig. Een zekere mate van structuur in je leven is achteraf bezien ook helemaal niet verkeerd. Het was namelijk soms net alsof dingen door elkaar liepen. Of je kwam er ’s avonds om elf uur achter dat je de hele dag nog niet buiten was geweest. Opgestaan, gedoucht, ontbeten en aan het werk gegaan. Geen afspraken buiten de deur, ’s avonds ook geen afspraken gehad en voor de televisie beland.

Hetzelfde werk met meer voldoening
Inmiddels heb ik dus kantoorruimte gevonden. En ga ik ’s ochtends weer op mijn fietsje naar ‘het werk’. Overigens heb ik niet het idee dat ik nu andere werkzaamheden of meer werkzaamheden verricht dan toen ik thuis werkte. Maar het vóelt wel alsof je harder gewerkt hebt aan het eind van de dag.

Werken zonder afleiding
We zitten in onze kantoorruimte op STRIJP-S in totaal met zo’n tien zelfstandig professionals. Waarvan er in principe acht (waaronder ikzelf) werkzaam zijn in een open ruimte. Vooraf maakte ik me een beetje zorgen over het feit of ik zou kunnen werken met allemaal mensen en geluiden om me heen. Gelukkig blijkt dat erg goed te gaan. In de eerste plaats omdat er nog geen moment geweest is waarop iedereen tegelijk aan het werk was. En daarnaast blijk ik stukken minder last van omgevingsgeluiden te hebben dan ik voorheen dacht. Ik kan zelfs weer werken met de radio aan. Overigens, als het echt een keer noodzakelijk is en ik intensief met een tekst bezig wil zijn, kan ik natuurlijk ook gewoon een dagje thuis werken.

Ik zit er dan misschien pas anderhalve week, maar vooralsnog bevalt het werken me hier prima. Het ritme is weer helemaal terug. Het enige minpuntje was vanochtend het ritme van de regen tijdens het fietsen…

Creatief schrijven

Creatief schrijvenAls tekstschrijver ben je voortdurend bezig met creatief schrijven, zelfs voor de meest (op het oog) eenvoudige opdrachten. Toch kun je niet in elke opdracht evenveel van je creatieve ei kwijt. En dat hoeft ook niet. Wel vind ik het belangrijk dat je je creativiteit af en toe extra stimuleert.

Korte verhalen schrijven
Zolang als ik me kan herinneren schrijf ik verhalen. Meestal korte verhalen, het liefst met een verrassende twist aan het einde. De roman die ik altijd al wilde schrijven is ook in de maak (al staan die werkzaamheden momenteel op een laag pitje). Soms komen de ideeën voor mijn verhalen vanzelf opzetten, andere keren heb ik een duwtje in de rug nodig. Sinds kort waag ik me wel eens aan een schrijfwedstrijd bijvoorbeeld. Op Schrijvenonline vind je altijd wel opdrachten waar je aan deel kan nemen.

Een goed verhaal overkomt je
Het leuke aan het schrijven van verhalen vind ik dat je fantasie soms met je verhaal aan de haal gaat. Je hebt een bepaald basisidee, maar gedurende het schrijven lijkt het wel alsof je de controle een beetje aan het verliezen bent. Tenminste, je wijkt af van je basisidee en je bewandelt plotseling een zijweg. Een zijweg die vervolgens direct je nieuwe hoofdweg wordt! Het is wellicht te vergelijken met een sporter die in de zogenaamde ‘zone’ terechtkomt. Alles lijkt ineens vanzelf te gaan en je bent heel erg gefocust op wat je op dat moment aan het doen bent. Alles om je heen vervaagt juist en wordt minder belangrijk.

Sommige schrijvers hebben wel structuur nodig
Overigens zijn er genoeg schrijvers die juist wel behoefte hebben aan structuur en regelmaat. Zij werken volgens een vooropgezet plan en houden zich daar aan. Bewust gaan zij op hun doel af. Het is maar net wat voor jou het beste werkt.

Wat doe jij om creatief schrijven te stimuleren en hoe ga je meestal te werk?

Tekstschrijven en tennis

TennisToen ik een jaar of 5 was leerde ik schrijven. Tegelijkertijd begon ik ook met tennissen. Tot op de dag van vandaag voer ik beide disciplines met het grootse plezier van de wereld uit. Van het schrijven heb ik zelfs mijn beroep weten te maken. Van het tennissen net niet, ahum. Tekstschrijven en tennis lijken op het eerste gezicht weinig met elkaar te maken te hebben. Toch zijn er meer parallellen tussen die twee te ontdekken dan je zou verwachten.

Zie je tegenstander als je doelgroep
Als je een goede tekst wil schrijven, dan houd je je doelgroep tijdens het schrijven altijd in het achterhoofd. De lezer moet aangesproken worden door de tekst die jij geschreven hebt en (afhankelijk van het doel van je tekst) tot actie worden aangespoord. Op de tennisbaan wil je dat je tegenstander ook doet wat jij wil. Elke bal die je slaat is er op gericht om je tegenstander tot wankelen te brengen. Heb je gezien dat hij of zij wat traag op de baan is? Dan zorg je er voor dat je je opponent flink laat lopen in de rally. Is die forehand enorm krachtig? In elke rally ben je bezig om die slag zo veel mogelijk te ontlopen.

Bouw het goed op
Een tekst moet duidelijk zijn. Dat lukt het beste als je zorgt voor een heldere opbouw van je tekst. Met een begin, een tussenstuk en een eind. Voorzien van tussenkoppen om het geheel overzichtelijker te maken. Een tenniswedstrijd bouw je ook op. Je gaat niet direct in de aanval over om meteen al je kruit te verschieten. Ook ga je niet in het wilde weg ballen slaan zonder een duidelijk strijdplan. Langzaam maar zeker wil je je tegenstander uitschakelen. Stapje voor stapje, slag voor slag. Precies zoals je de lezer van je tekst wil benaderen: elke zin duwt hem een stap verder in de richting van het doel van je tekst. Of je nu wil informeren, overtuigen of tot handelen aanzetten.

Win-winsituatie
Uiteindelijk wil je jouw wedstrijd winnen. Het geeft een heerlijk gevoel als dat gelukt is. En de lezer van je tekst? Die wil je vóór je winnen. En ook dan is het ultiem genieten als je dat voor elkaar hebt gekregen.