Over doelgroepen en diarree

doelgroepAls ik ’s avonds lui op de bank hang, vind ik het heerlijk om een serie op Comedy Central te kijken. Ook al heb ik driekwart van de afleveringen al gezien, ik blijf er graag naar kijken. Eén van mijn favoriete series is de That ‘70s Show en meestal worden daar twee afleveringen van achter elkaar uitgezonden.

Adverteren
Toen Comedy Central nog maar kort bestond, was het aantal commercials dat tussen de verschillende series werd uitgezonden stukken lager dan nu. Blijkbaar genieten meer mensen van de zender met bijbehorende sitcoms en is de zender in een paar jaar tijd behoorlijk populair geworden. Het zal me dan ook niks verbazen als je tegenwoordig een behoorlijk bedrag moet neertellen om een commercial van je bedrijf of product te laten uitzenden.

Doelgroep
Je gaat ervan uit dat je als bedrijf er bewust voor kiest om op een bepaalde zender op een bepaald tijdstip en op een bepaalde dag je commercial te laten uitzenden. Misschien dat jouw doelgroep overeenkomt met de doelgroep die de zender voor ogen heeft. Al zegt Comedy Central zelf op haar website dat ‘de brede diversiteit van het aanbod van Comedy Central maakt dat ook een brede doelgroep naar de zender kijkt’.

En dan is er ineens diarree…
Het viel me deze week tijdens een avondje bankhangen ineens op dat de afleveringen van de That ‘70s Show ‘mede mogelijk werden gemaakt door Tasectan’. Ofwel, door een product dat ontwikkeld is om de effecten die gepaard gaan met diarree te bedwingen en te verminderen. Ik vroeg me af waarom Tasectan ervoor gekozen had om juist op deze zender en bij dit programma hun commerciële boodschap te tonen.

Misschien…
Heeft het te maken met het feit dat je buikpijn van het lachen kunt krijgen als je comedyseries kijkt, met alle gevolgen van dien. Of worden er veel plas- en poepgrappen gemaakt op de zender waar Tasectan bij aan denkt te kunnen sluiten. Of is het simpelweg echt omdat Tasectan een product is dat voor iedereen is, waardoor het prima past bij een zender die ook een brede doelgroep voor ogen heeft?

Het lijkt mij in elk geval dat er toch genoeg medische programma’s zijn waar prima bij geadverteerd kan worden. Of is dat dan weer een te kleine doelgroep voor een product als Tasectan?

Tekstschrijven en tennis

TennisToen ik een jaar of 5 was leerde ik schrijven. Tegelijkertijd begon ik ook met tennissen. Tot op de dag van vandaag voer ik beide disciplines met het grootse plezier van de wereld uit. Van het schrijven heb ik zelfs mijn beroep weten te maken. Van het tennissen net niet, ahum. Tekstschrijven en tennis lijken op het eerste gezicht weinig met elkaar te maken te hebben. Toch zijn er meer parallellen tussen die twee te ontdekken dan je zou verwachten.

Zie je tegenstander als je doelgroep
Als je een goede tekst wil schrijven, dan houd je je doelgroep tijdens het schrijven altijd in het achterhoofd. De lezer moet aangesproken worden door de tekst die jij geschreven hebt en (afhankelijk van het doel van je tekst) tot actie worden aangespoord. Op de tennisbaan wil je dat je tegenstander ook doet wat jij wil. Elke bal die je slaat is er op gericht om je tegenstander tot wankelen te brengen. Heb je gezien dat hij of zij wat traag op de baan is? Dan zorg je er voor dat je je opponent flink laat lopen in de rally. Is die forehand enorm krachtig? In elke rally ben je bezig om die slag zo veel mogelijk te ontlopen.

Bouw het goed op
Een tekst moet duidelijk zijn. Dat lukt het beste als je zorgt voor een heldere opbouw van je tekst. Met een begin, een tussenstuk en een eind. Voorzien van tussenkoppen om het geheel overzichtelijker te maken. Een tenniswedstrijd bouw je ook op. Je gaat niet direct in de aanval over om meteen al je kruit te verschieten. Ook ga je niet in het wilde weg ballen slaan zonder een duidelijk strijdplan. Langzaam maar zeker wil je je tegenstander uitschakelen. Stapje voor stapje, slag voor slag. Precies zoals je de lezer van je tekst wil benaderen: elke zin duwt hem een stap verder in de richting van het doel van je tekst. Of je nu wil informeren, overtuigen of tot handelen aanzetten.

Win-winsituatie
Uiteindelijk wil je jouw wedstrijd winnen. Het geeft een heerlijk gevoel als dat gelukt is. En de lezer van je tekst? Die wil je vóór je winnen. En ook dan is het ultiem genieten als je dat voor elkaar hebt gekregen.

 

Stijl van schrijven

Een tekst die bedoeld is voor pubers schrijf je heel anders dan een tekst waarvan je weet dat die door een groep advocaten gelezen gaat worden. Andere woordkeuze, andere zinsbouw. Je zou daardoor denken dat het onmogelijk is voor een tekstschrijver om een eigen stijl te hebben. Hij of zij schrijft immers toch altijd met een bepaalde doelgroep in het achterhoofd? Toch ben ik van mening dat heel veel schrijvers wel degelijk een geheel eigen schrijfstijl door de jaren heen ontwikkelen. Het zit hem vaak in hele kleine dingetjes…

Stopwoorden en leestekens
Het is bijvoorbeeld te zien aan woorden die regelmatig in teksten terugkomen. Of woorden die juist niet gebruikt worden. Bij mij zijn het vaak de drie puntjes. Ik weet niet waarom ik het doe, maar om de een of andere reden heb ik er iets mee. Zeker als ik voor het schrijven van een tekst volledig de vrije hand heb, zoals nu bij een eigen blogpost… (zie je, daar zijn ze weer!) O ja, en een alinea afsluiten en de laatste zin extra kracht bijzetten met een uitroepteken: daar wil ik ook nog wel eens voor kiezen. Maar alleen als het ook echt functioneel is natuurlijk!

Niet doorslaan
Uiteraard moet je er niet in doorslaan. Elke kopregel standaard afsluiten met 3 puntjes wordt ook een beetje flauw. Of in een alinea meerdere keren dat uitroepteken gebruiken. Daar wordt je tekst niet krachtiger van. Sterker nog, het verzwakt hem alleen maar. Maar een beetje schrijver weet ook heus wel wat hij wel en niet kan schrijven. En wat de taal moet zijn voor de doelgroep waar hij op dat moment voor schrijft.

En wat is jouw stijl? Heb jij dingen die je vaak laat terugkomen in je teksten. Of is elke tekst bij jou uniek?